Pinksteren

Het meest opvallende aan de viering op school van Pinksteren is de dans rond de meiboom die alle klassen op het schoolplein uitvoeren. Elke klas heeft vantevoren hard geoefend. De kleuters beginnen, gevolgd door de eerste klas, de tweede klas en zo verder. De bewegingen waarbij de kinderen kunstig linten in elkaar vlechten worden steeds ingewikkelder. De onderlinge samenwerking tussen klasgenoten is belangrijk voor het uiteindelijke resultaat. Zo bouwt zich dit op tot een prachtig tafereel.

De oorsprong van de dans om de meiboom ligt ver voor Christus. In de tijd van de druïden en het ontstaan van steencirkels, denk aan Stonehenge. In die tijd waande de mens zich overgeleverd aan krachten als geboorte en dood, honger en verzadiging, de verschillende weersomstandigheden, jacht en mogelijk ook stammenstrijd. Om uit de zwaarte van hun bestaan te komen hadden deze volkstammen mensen nodig die door middel van kruidendrankjes hun fysieke krachten konden versterken. Hierdoor konden ze beter jagen of strijden tegen andere stammen.

Zevensprong
Om beter bestand te zijn tegen de geestelijke krachten als geboorte en dood zochten de druïden naar middelen om in verbinding te komen met de geestelijke wereld.

De druïden deden hiervoor dansen waarbij ze in extase kwamen. Sommige dansen werden met de hele stam gedanst en andere alleen door ingewijden. Wanneer iemand ziek was danste de medicijnman bijvoorbeeld in extase om de zieke heen om verbinding te maken met het wezen van de ziekte, om deze vervolgens uit te drijven of over te nemen. Of de jagers dansten een dans waarbij zij in uiterst geconcentreerde inleving het wild voorstelden dat zij wilden jagen.

Veel dansen verbeelden kosmische ritmes waarmee de mens van die tijd nog dicht verbonden was. Eén kosmisch ritme is het proces van geboren worden, sterven en weer geboren worden. De dans die dit principe uitbeeld is vrijwel bij iedereen bekend: Heb je wel gehoord van de Zevensprong. De dans leidt je langzaam helemaal tot op de grond en dan weer terug. Dit inrollen symboliseert de incarnatie gang van de mens.

Samen dansen om de meiboom
Op het Pinksterfeest dansen alle klassen van de Wonnebald rond de meiboom, die bestaat uit verschillende gekleurde linten. De linten worden gebruikt tijdens het dansen. Voor de lagere klassen zullen dat dansen zijn waarbij de linten eenvoudig worden ingevlochten. De hogere klassen dansen met ingewikkelder vlechtwerk.

Als moderne mensen zijn wij afgeschermd van de geestelijke wereld. Daarom ligt voor ons de essentie van de dans bij onszelf in relatie tot de groep. De verschillende kleuren van de linten staan symbool voor de eigenheid van ieder individu.

De lagere klassen laten zich nog sterk leiden door de leerkracht. Dat is te zien aan de kinderen. Terwijl ze de dans doen letten ze sterk op het teken van de leerkracht en kijken af en toe naar de leerkracht ter bevestiging of het nog wel goed gaat. In de hogere klassen kijken de kinderen naar elkaar. Ze corrigeren elkaar als er iemand de verkeerde kant opgaat. De kinderen uit de hogere klassen zijn zich duidelijk bewust van het feit dat ze onderdeel zijn van het geheel: wanneer je niet mee gaat in het ritme van de dans, ontstaat het vlechtwerk niet goed.

Met de meiboomviering willen wij de kinderen laten ervaren onderdeel te zijn van de groep, de klas in dit geval, en dat de groep alleen maar de dans kan laten ontstaan als ieder individu meewerkt.

Elke klas is onderdeel van de scholengemeenschap en om die reden zijn ook ouders en verzorgers van harte uitgenodigd om de dans om de meiboom mee te vieren.

Pinksterbruiloft
Na de geboorte van Christus ontstond het christendom als religie. Het christendom heeft het principe van het in verbinding staan met de geestelijke wereld, verromantiseerd. Zo ontstond het beeld van de geestelijke wereld die een huwelijkse verbinding aan gaat met het aardse, de verbinding van het licht met het donker. De kleuters vieren daarom dat ze pinksterbruidje en bruidegom zijn. In de tijd van grootmoeders kastje, werden alle snoep en chocolade papiertjes en frutseltjes daarin bewaard. Tegen de tijd dat het Pinksteren was, werden de jongens en meisjes daarmee versierd. De kleuters worden versierd met kransen.

Om het beeld naar het heden te vertalen, kun je als moderne mens je bewust worden van de relaties die je aangaat in je leven, of dat nu een vriendschap, relatie of een huwelijk is. Iedere verbinding kent het ‘ licht duister principe’, zoals we nu zeggen: goede tijden en slechte tijden. Ieder individu heeft zijn goede kanten en minder goede kanten. In de verbinding met de ander word je daar aan elkaar en van elkaar bewust van. Het leerproces ligt in dat principe verborgen.